
Check: ‘Gebruik data bij maken van beleid voor deelmobiliteit’
3 december 2025
‘Gemeenten zouden meer met ondernemers kunnen samenwerken’
5 maart 2026
Lichte elektrische voertuigen kunnen een goed alternatief zijn voor auto’s. Als er ook infrastructuur is. Zo stelt student Jeremy van Grinsven van Han University of Applied Sciences op basis van een scenario-analyse.
Samen met vier andere studenten van Han University of Applied Sciences (Han) heeft Van Grinsven scenario’s gemaakt voor de introductie van lichte elektrische voertuigen (lev’s) in de periode tot 2040.
De scenario’s brengen in kaart hoe stedelijke gebieden zich kunnen ontwikkelen. En welke functie of rol lev’s krijgen, afhankelijk van hoe het verstedelijkte gebied er uit ziet. Elst, een dorp van zo’n 20.000 inwoners tussen Arnhem en Nijmegen en onderdeel van de gemeente Overbetuwe, dient als casestudie van het binnen Leverage uitgevoerde onderzoek.
De vier ontwikkelde scenario’s, gebaseerd op zo’n vierhonderd door de studenten benoemde trends, zijn gebaseerd op twee moeilijk te voorspellen factoren. Ontwikkelt het gebied zich tot een meer landelijk of stadsgebied? En hoe werken mensen, op locatie of ‘remote’?
Centrale vraag: hoe kunnen lev’s stadsmobiliteit vormgeven en welke kansen biedt dat voor 2040?
‘Lev geen bedreiging’
‘Op het platteland is goede voorlichting belangrijk’, stelt Van Grinsven. Hij heeft zich met name geconcentreerd op de scenario’s ‘sub-urban remote’ en ‘sub-urban on-site’. In deze scenario’s wonen mensen overwegend in familieverband in een relatief dunbevolkt gebied. Zo werken mensen ‘remote’ of moeten hiervoor reizen.
Van Grinsven: ‘Ik woon zelf op het platteland. Mijn ervaring is dat mensen zich daar niet zomaar laten overtuigen. Je moet uitleggen dat lev’s geen bedreiging zijn voor de auto, die voor hen vaak heel belangrijk is. En mensen moeten zelf de voordelen van lev’s kunnen ervaren, bijvoorbeeld op een ‘experience day’ zoals we die pas bij de Han hebben georganiseerd.’
Infrastructuur voor lev’s
In de scenario’s ‘urban remote’ en ‘urban on-site’ wonen mensen in drukke steden. Werk is relatief dichtbij, niet meer dan vijftien minuten reizen. Veel mensen werken ‘remote’. Woningen zijn klein en compact en bieden plek aan huishoudens van één of maximaal twee personen.
In de scenario’s waarin de verstedelijking hoog is, moeten stadsbesturen maatregelen nemen om de schaarse ruimte zo optimaal mogelijk te gebruiken. Naast andere maatregelen, wordt in deze scenario’s vaak autobezit duurder gemaakt. Lev’s zouden het gat dat hierdoor ontstaat kunnen opvullen. Als er aan enkele belangrijke randvoorwaarden wordt voldaan, benadrukt Van Grinsven.
‘Gemeenten kunnen de vier scenario’s gebruiken om beleid beter op elkaar af te stemmen. Bijvoorbeeld als de gemeente betaald parkeren invoert, zodat autorijden duurder en minder aantrekkelijk wordt. Het is dan belangrijk dat er al infrastructuur voor lev’s ligt. Want er is dan een bruikbaar alternatief beschikbaar, waardoor mensen makkelijker de auto inruilen voor een lev.’
Comfort
Willen lev’s een volwaardig alternatief zijn voor de auto, dan zouden fabrikanten volgens Van Grinsven hun micro-auto’s comfortabeler moeten maken.
Van Grinsven: ‘Stappen autorijders over op een lev, dan zal dat waarschijnlijk een micro-auto zijn, bijvoorbeeld een Biro of Opel Rocks. Maar wie uit een auto komt, levert bij zo’n lev voor zijn of haar gevoel veel aan comfort in. Al zie je wel steeds meer luxe micro-auto’s rondrijden, bijvoorbeeld een Microlino.’
De overwegend sobere uitvoering van micro-auto’s beperkt hun succeskansen, stelt Van Grinsven. Met name in de scenario’s ‘sub-urban on-site’ en ‘urban on-site’, waarin mensen vaak langere afstanden naar hun werk afleggen.
‘Als mensen verder moeten reizen naar hun werk, dan blijven ze dat naar verwachting doen met de auto. De lev wordt dan voornamelijk gebruikt voor kortere afstanden.’